Inbraak - woning

 

Zichtbaarheid

Bewoners moeten vanuit de woning goed zicht op de omgeving hebben: via ramen aan de straat en op kopgevels. Zicht mag niet worden geblokkeerd door struiken, schuttingen of andere obstakels. De voordeur moet in het zicht van de (semi) openbare ruimte liggen, bij voorkeur vlak in de gevel of uitspringend. Vanuit de woning moeten bewoners kunnen zien wie er voor de voordeur staat, bijvoorbeeld door gunstige positie van ramen of deurruit of -spion. Als voordeur in een nis ligt dieper dan 0,40 meter, moet hier een lamp hangen met schemerschakelaar. Verlichting bij de voordeur zorgt voor goed zicht en herkenning van een bezoeker.

Eenduidigheid

Doe geen mededelingen (briefjes, antwoordapparaat, website, mailberichten) over langdurige afwezigheid of vakanties. Sluit ramen en deuren altijd af. Haal de sleutel uit de binnenkant van het slot. Sleutels buiten verstoppen (onder de mat of een bloempot) is niet handig. Hang geen adreslabel aan sleutels.

Toegankelijkheid

Alle bereikbare ramen, deuren, lichtkoepels, dakramen en ventilatieopeningen moeten tenminste drie minuten inbraakwerend zijn. Zorg daarom voor hang- en sluitwerk met SKG-keurmerk.  Een kierstandhouder voegt niets toe aan de inbraakwerendheid, maar werpt wel een extra barrière op. Er mogen geen opklimmogelijkheden zijn zoals afvalcontainers, schuttingen en ladders.

Aantrekkelijkheid

Bewaar geen grote sommen geld of kostbare sieraden in de woning (ook niet in een kluis!). Plaats waardevolle spullen uit het zicht van voorbijgangers. Graveer postcode en huisnummer op waardevolle eigendommen. Zie ook Politiekeurmerk Veilig Wonen.

Bronnen: 'Wat werkt?'